Bemelerberg 4 in Bemelen

Een Boosten in Bemelen

In 1927 werd op deze plek gestart met de bouw van het door architect Alphons Boosten ontworpen landhuis. Vanwege de ligging op de Bemelerberg werd ervoor gekozen de voorzijde naar het landschap te oriënteren. Het landhuis heeft een symmetrisch ontwerp met veel speelse elementen, zoals verspringingen in hoogtes, erkertjes, balkons en natuurlijk het markante rieten dak.

Boosten week met zijn eigenzinnige stijl af van de tot dan toe gangbare manier van bouwen. Hij werkte vaak samen met Limburgse beeldend kustenaars zoals Henri Jonas, Charles Eyck en Charles Vos, wiens werk hij in zijn ontwerpen integreerde. “Mijn vader kwam tijdens de jacht toevallig op die plek terecht, en pauzeerde er om in de openlucht zijn lunch te gebruiken. Hij raakte zodanig onder de indruk van de omgeving, dat hij spontaan het plan opvatte om er een klein hotel te laten bouwen.” Zo herinnerde de zoon van Wiel Dusch, de bouwer van voormalig hotel Mooi Limburg, zich enkele jaren geleden.

In mei 1929 wordt het hotel geopend. Het ligt bijna pal tegenover het al langer bestaande horeca-etablissement van Jules Geurten, die dan net de eerste stappen heeft gezet om zijn bedrijf eveneens tot hotel uit te bouwen. Voldoende aanleiding tot een concurrentiestrijd in het nog prille toeristendorp Bemelen. Toch valt dat in de beginjaren nogal mee. De koek is dan blijkbaar nog groot genoeg om ieder zijn deel te gunnen. Maar uiteindelijk breekt de onvermijdelijke ‘strijd om de klanten’ toch uit.
 

Concurrentie
Wie precies de eerste steen werpt en waarom, is niet meer te achterhalen. Maar in juli 1938 schrijft Dusch een brief aan burgemeester Martin Hermens om zijn beklag te doen over de praktijken van buurman Geurten. Die zou niet alleen in Bemelen maar ook in Valkenburg toeristen aanspreken en reclamebiljetten uitdelen om gasten naar zijn hotel te lokken. Een aanpak die bekend staat als ‘snorren’. Dat ‘snorren’ is in de jaren dertig van de vorige eeuw in Valkenburg en omgeving een ware plaag. De concurrentie tussen de hotels is dermate groot dat hotelhouders hun personeel op pad sturen om potentiële klanten al tijdens hun reis naar het zuiden, op de stations of zelfs in de trein, zover te krijgen dat ze in hún hotel boeken en nergens anders. De benadering van de reizigers is vaak brutaal, tot op het agressieve af. Na het afkondigen van een ‘snorverbod’ door de gemeente Valkenburg en de veroordeling van enkele hardnekkige overtreders neemt het ‘snorren’ af, maar bij tijd en wijle zijn er toch weer hotelhouders die het proberen. Ook in Bemelen.

Als Dusch de burgemeester in 1938 vraagt om op te treden tegen de ‘snorderspraktijken’ van zijn concurrent Geurten, weet hij natuurlijk heel goed dat diezelfde Geurten lid is van de gemeenteraad die zich over die kwestie zal moeten buigen. De raad besluit tóch tot instelling van een ‘snorverbod’. De eigenaren van Mooi Limburg en Bergrust zijn in de vooroorlogse jaren bepaald geen vrienden. Maar als na de oorlog het toerisme weer op gang komt, behoort de felle concurrentie al snel tot het verleden. De toeristische ontwikkeling van Bemelen gaat dan zó snel dat er voor beide hotels meer dan voldoende klandizie is.

Auteur: Guus Urlings, Stichting Heemkunde Bemelen
Redactie: Frank Hovens

Bronnen:
Groeten uit Bemelen; Toeristendorp in de schaduw van Valkenburg, Stichting Heemkunde Bemelen, 2006.
Jaarboek, Stichting Historische en Heemkundige Studies in en rond het Geuldal, 2001.
Brieven van Geurten en Dusch aan gemeentebestuur Bemelen, Regionaal Historisch Centrum Limburg, 1938.